Selecteer een pagina

Stap 4: Enquêtes en Interviews

Praktijkkennis en -ervaringen ten aanzien van dementie bij (Z)EV(M)B zijn opgehaald via een enquête en interviews met zorgmedewerkers en familieleden

De onderzoeksvraag:

Welke dementiesymptomen bij mensen met (Z)EV(M)B worden er in de dagelijkse praktijk geobserveerd?

De uitvoering:

  • Enquêtes: Van augustus tot november 2020 konden zorgmedewerkers en familieleden van personen met (Z)EV(M)B deelnemen aan een enquête over dementie symptomen bij mensen met (Z)EV(M)B. In de enquêtes werd gevraagd of zij sinds (het vermoeden van) dementie een verandering zien op het gebied van cognitie, algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), gedrag, bewegingsvaardigheden en aanvullende aandoeningen zoals epilepsie.
  • Interviews: In het najaar van 2020 zijn artsen, gedragskundigen, paramedici en begeleiders met veel ervaring op het gebied van (Z)EV(M)B en dementie uitgenodigd om deel te nemen aan een interview over dementiesymptomen bij mensen met (Z)EV(M)B.

De belangrijkste resultaten 

  • Enquêtes: 87 zorgmedewerkers en 13 familieleden hebben de enquête ingevuld. De resultaten laten zien dat vrijwel alle respondenten een achteruitgang in algemene dagelijkse levensverrichtingen zagen. Ook gedragsveranderingen  zoals een toename in prikkelbaar, angstig, apathisch gedrag en een afname in eet- en drinkgedrag zijn vaak geobserveerd. In mindere mate zijn cognitieve symptomen (bijv. verminderde herkenning van personen), motorische veranderingen (bijv. achteruitgang in loopvaardigheden) en medische comorbiditeiten (bijv. gewichtsveranderingen) benoemd.
  • Interviews: De analyses van de interviews met 16 zorgmedewerkers laten zien dat cognitieve symptomen met name te observeren zijn wanneer een persoon met (Z)EV(M)B zich verbaal kan uiten/kan lopen, terwijl gedragsveranderingen onafhankelijk van deze vaardigheden worden gezien. Logischerwijs, zijn motorische veranderingen zoals een verminderd evenwicht voornamelijk gezien wanneer iemand loopvaardigheden heeft. Veranderingen in het uitvoeren van algemene dagelijkse levensverrichtingen en medische comorbiditeiten zijn zowel bij personen met als zonder loopvaardigheden geobserveerd.

De stand van zaken:

De resultaten zijn beschreven in een artikel dat ingediend is bij een internationaal tijdschrift.